De juliaanse kalender is de van oorsprong Romeinse kalender, die vervolgens gebruikt werd in het grootste deel van de christelijke wereld. Hij werd in de loop van de 16e tot de 20e eeuw geleidelijk aan verdrongen door de gregoriaanse kalender, die eigenlijk niet meer dan een correctie is op de juliaanse.
De juliaanse kalender is genoemd naar Julius Caesar, die hem in zijn hoedanigheid als hoofd van de Romeinse eredienst in 45 v.Chr. invoerde als finale correctie op de Romeinse versie van de Egyptische kalender. Die was eerder reeds door Alexander de Grote onder invloed van het Hellenisme over het hele Middellandse Zeegebied verbreid geraakt.
Op advies van de Alexandrijnse astronoom Sosigenes legde Caesar een jaar van gemiddeld 365,25 dagen vast, door om de vier jaar een schrikkeldag (extra dag) toe te voegen. De duur van 365,25 dagen was vanouds reeds door de Egyptenaren bepaald en het is een vrij goede benadering van het tropisch jaar (het jaar gebaseerd op het verloop van de seizoenen), hoewel in Caesars tijd al een nauwkeuriger waarde bekend was.
De maanden van de oude kalender bleven behouden, maar hun duur werd aangepast.
Een jaar volgens de juliaanse kalender is gemiddeld elf minuten langer dan het tropisch jaar. Daardoor loopt de kalender in duizend jaar 7,6 dagen achter op de zon. In 1582 werd met de invoering van de gregoriaanse kalender deze systematische afwijking gereduceerd, en eenmalig de opgelopen afwijking gecorrigeerd. Het verschil tussen de beide kalenders zit erin, dat de gregoriaanse kalender per 400 jaar 3 schrikkeljaren minder telt dan de juliaanse kalender: in de gregoriaanse kalender zijn alle hele eeuwjaren die geen veelvoud zijn van 400, geen schrikkeljaar (al zijn ze uiteraard wel door 4 deelbaar). De jaren 1700, 1800, 1900, 2100, 2200 en 2300 zouden in de juliaanse kalender schrikkeljaren zijn, in de gregoriaanse zijn ze dat niet. De jaren 1600, 2000, 2400 enzovoorts zijn ook in de gregoriaanse kalender schrikkeljaren.
De gregoriaanse kalender werd besloten door het Concilie van Trente (1545-1563). Paus Gregorius XIII kon de kalenderhervorming pas in 1582 met de bul Inter gravissimas doorvoeren. Bij de invoering werden 10 datums overgeslagen om het begin van de lente terug te brengen naar 21 maart. De weekdagen liepen zonder onderbreking door: op donderdag 4 oktober 1582 volgde vrijdag 15 oktober 1582.
De datum voor de jaarwisseling heeft niets te maken met het verschil tussen juliaanse en gregoriaanse kalender. In oktober 1582 was te Rome voor het eerst de gregoriaanse kalender ingevoerd ter vervanging van de juliaanse. Op dat ogenblik was in de Nederlanden reeds in 1575 een decreet uitgevaardigd om vanaf de eerstvolgende 1 januari (1576) de 1-januari stijl te gebruiken in vervanging van de sinds de Middeleeuwen ingevoerde Paasstijl. Er is slechts één land, namelijk Engeland en zijn koloniën, waar de omschakeling van juliaanse naar gregoriaanse kalender en de invoer van de 1-januaristijl (ter vervanging van het jaarbegin op 25 maart) op hetzelfde ogenblik gebeurde (1752).
In de oude Romeinse kalender begon het jaar op 1 Martius. Dit is nog steeds merkbaar aan de namen van de maanden september ('septem' = zeven), oktober ('octo' = acht), november ('novem' = negen) en december ('decem' = tien) en aan het feit dat februari, als laatste maand, de resterende dagen bevatte.
| Voor Julius Ceasar. | Tijdens Julius Ceasar. | Na Julius Ceasar = vanaf keizer Augustus | ||
| Maandnaam | Maandnaam | Dagen | Maandnaam | Dagen |
| Martius | Martius | 31 | Martius | 31 |
| Aprilis | Aprilis | 30 | Aprilis | 30 |
| Maius | Maius | 31 | Maius | 31 |
| Iunius | Iunius | 30 | Iunius | 30 |
| Quintilis | Iulius | 31 | Iulius | 31 |
| Sextilis | Sextilis | 30 | Augustus | 31 |
| Septembris | Septembris | 31 | Septembris | 30 |
| Octobris | Octobris | 30 | Octobris | 31 |
| Novembris | Novembris | 31 | Novembris | 30 |
| Decembris | Decembris | 30 | Decembris | 31 |
| Ianuarius | Ianuarius | 31 | Ianuarius | 31 |
| Februarius | Februarius | 29/30 | Februarius | 28/29 |
Januari (genoemd naar de god Janus) is bedoeld als doorgangsmaand (naar het nieuwe jaar)
Februari is (sinds Julies Ceasar ) bedoeld als laatste maand en is de sluitpost wat betreft het aantal dagen om te komen tot 365/366 dagen